Pensioenbegrippen 

  • A

    • Actieve deelnemer

      De deelnemer die in de pensioenregeling pensioen opbouwt.

    • Actuariële grondslagen

    • Actuaris

    • Afkoop

    • Afkoopwaarde (ook wel afkoopsom)

    • AFM

    • Anw

    • AOW

    • AOW gat

    • Attestatie de Vita (ADV)

  • B

    • Beleggingen

      Het omzetten van geld of middelen in waardepapieren of objecten met als doel de waarde te behouden of te vergroten.

    • Benchmark

    • Bestuur

    • Bijzonder partnerpensioen

    • Burgerservicenummer

  • C

    • Collectieve actuariële gelijkwaardigheid

      Voor de bepaling van de hoogte van het pensioen na uitruil of vervroeging wordt voor mannen en vrouwen uitgegaan van dezelfde factoren. Er wordt dus geen verschil gemaakt tussen de levenskansen van een mannelijke en een vrouwelijke deelnemer.
    • Contante waarde

    • Conversie

    • Corporate governance

  • D

    • De Nederlandsche Bank (DNB)

      Verantwoordelijk voor het toezicht op de degelijkheid van financiële instellingen. Vanuit deze functie houdt de DNB o.a. toezicht op pensioenfondsen en verzekeraars en op pensioenregelingen die door een werkgever rechtstreeks bij een verzekeraar worden ondergebracht. Dit viel eerder onder de verantwoordelijkheid van de Pensioen- & Verzekeringskamer (PVK). De PVK is eind 2004 gefuseerd met de DNB.

    • Deelnemer

    • Deelnemersrechten

    • Deeltijdpensioen

    • Deeltijdpercentage

    • Dekkingsgraad

  • E

    • Echtscheiding

      Ontbinding van het huwelijk door een rechterlijk vonnis.

  • F

    • Factor A

      De fiscale pensioenaangroei in een kalenderjaar.

    • Flexibiliseringselementen

    • Franchise

  • G

    • Gepensioneerde

      Iemand van wie de ouderdomsuitkering is ingegaan.

    • Gewezen deelnemer

  • I

    • Indexatie (zie ook toeslagverlening)

      Verhoging van een pensioen of van een aanspraak op pensioen, die jaarlijks wordt verleend op grond van een in het pensioenreglement omschreven regeling.

    • Inkomende waardeoverdracht (IWO)

  • J

    • Jaarverslag

      Verslag van de jaarlijkse werkzaamheden waarin de voorziening pensioenverplichtingen wordt vastgesteld en waarin de analyse van het technische resultaat wordt verricht.

  • K

    • Kapitaal

      Het vermogen dat wordt gereserveerd om in de toekomst opgebouwde pensioenaanspraken uit te kunnen betalen.

    • Kind

  • N

    • Nabestaande(n)

      Binnen de grenzen van een pensioenregeling zijn dit: de weduwe of weduwnaar, geregistreerd partner of de partner waarmee een samenlevingscontract bestaat en die is aangemeld bij het pensioenfonds. Daarnaast gelden ook de kinderen van een deelnemer als nabestaande(n).

    • Nabestaandenpensioen

    • Norminkomen voor loondienstmedewerkers

    • Norminkomen voor zelfstandigen

  • O

    • Opbouwpercentage

      Dit is het percentage van de pensioengrondslag dat u per jaar aan pensioen opbouwt.

    • Opgebouwd pensioen

    • Ouderdomspensioen

    • Outperformance

    • Overlevingstafels

  • P

    • Partner

      Onder partner wordt verstaan:
      a. De echtgenoot/echtgenote van de deelnemer; of
      b. De persoon met wie de deelnemer een bij de burgerlijke stand geregistreerd partnerschap is aangegaan; of
      c. De persoon met wie de deelnemer een gezamenlijke huishouding voert, mits:
      - de deelnemer en de partner beiden ongehuwd zijn en geen geregistreerd partnerschap zijn aangegaan met een derde; en
      - de partner geen bloed- of aanverwant in de rechte lijn is van de deelnemer; en
      - de deelnemer en de partner gedurende ten minste een half jaar aantoonbaar een gezamenlijke huishouding voeren en ten overstaan van een notaris een samenlevingsovereenkomst hebben getekend.
    • Partnerpensioen

    • Pensioen

    • Pensioenaangroei

    • Pensioenaanspraak

    • Pensioendatum

    • Pensioenfonds

    • Pensioengerechtigde

    • Pensioengevend beroepsinkomen

    • Pensioengrondslag

    • Pensioenrechten

    • Pensioenregeling

    • Pensioenreglement

    • Pensioenuitkering

    • Pension Fund Governance (PFG)

    • Performance

    • Premie

  • S

    • Scheiding

      Het uit elkaar gaan van samenwonende, geregistreerde of getrouwde partners.

    • Sociale Verzekeringsbank (SVB)

    • Stichting

  • T

    • Te bereiken pensioen

      Dit is het bedrag aan jaarlijks pensioen dat u ontvangt vanaf de pensioenleeftijd die op het pensioenoverzicht staat. U ontvangt dit bedrag als u tot die datum in dienst blijft en pensioen blijft opbouwen in een pensioenregeling. Uw pensioen gaat in op de eerste dag van de maand waarin u de pensioenleeftijd bereikt.

    • Toeslag (zie ook indexatie)

    • Toezichthouder

  • U

    • Uitgaande waardeoverdracht

      Geldbedrag dat ten behoeve van een deelnemer naar een andere pensioenuitvoerder wordt overgeheveld om daar pensioenaanspraken in te kopen.

    • Uitkeringsgerechtigde

    • Uitkeringsovereenkomst

    • Uitruil(en)

    • Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV)

    • Uniform Pensioen Overzicht (UPO)

  • V

    • Vastrentende waarden

      Verzamelnaam voor obligaties en onderhandse leningen.

    • Verevend ouderdomspensioen

    • Verevening (verevenen)

    • Voorwaardelijkheidsverklaring

  • W

    • Waardeoverdracht

      Het overdragen van de contante waarde van pensioenaanspraken om pensioenverlies te voorkomen wanneer een medewerker van pensioenregeling wisselt.

    • Wezenpensioen